Welkom in het online woordenboek Vlaamse Gebarentaal!

Dit woordenboek werd in zijn huidige versie officieel voorgesteld in november 2019. De inhoudelijke en vormelijke keuzes die gemaakt zijn tijdens de ontwikkeling van dit woordenboek, bouwen echter grotendeels verder op het eerdere online woordenboek NL - VGT en VGT - NL, dat in 2004 werd gelanceerd door de UGent. Het woordenboek, gebaren.ugent.be behoorde destijds tot één van de eerste bidirectionele en bilinguale gebarentaalwoordenboeken, waarbij gebruikers dus zowel van Vlaamse Gebarentaal naar het Nederlands als in de omgekeerde richting konden zoeken. Van 1999 tot 2004 werkten in het totaal 12 medewerkers, zowel dove moedertaalgebruikers, als horende taalkundigen en informatici, aan dit lexicografische project. Voor meer informatie over de totstandkoming van gebaren.ugent.be, de projectmedewerkers en de methodologie van de lexicografische projecten die eraan vooraf gingen, verwijzen we u graag door naar deze infopagina (Van Mulders, 2004) en naar De Weerdt et al. (2003), waar het volledige lexicografische proces wordt beschreven.

Van 2012 tot 2019 werd gebaren.ugent.be beheerd door het Vlaams GebarentaalCentrum, het expertise- en coördinatiecentrum voor Vlaamse Gebarentaal (afgekort: VGTC). Het VGTC maakte sindsdien werk van een verdere lexicale uitbreiding van het woordenboek, volgens de resultaten van kleinschalige lexicografische projecten (zie methodologie). Het Vlaamse GebarentaalCentrum ijverde echter al langer voor een grondige herziening van het woordenboek. De elektronische technologie is sinds 2004 immers zeer snel geëvolueerd, waardoor de mogelijkheden voor een toegankelijke online interface sterk zijn uitgebreid. Bijgevolg heeft een woordenboekgebruiker andere verwachtingen van een online referentietool. Uit gecombineerd gebruikersonderzoek (zie gebruikersonderzoek) blijkt bijvoorbeeld dat steeds meer mensen het woordenboek willen bekijken op hun smartphone. Aangezien gebaren.ugent.be daarvoor niet is aangepast, ontstond de nood aan een responsieve website, die zich automatisch aanpast aan andere schermgrootten en dus op verschillende apparaten overzichtelijk en gebruiksvriendelijk blijft. Dat is één van de redenen waarom een nieuwe webapplicatie noodzakelijk werd.

Eind 2018 kreeg het Vlaamse GebarentaalCentrum daarom eenmalig projectsubsidies, die de medewerkers van het VGTC in staat stelden om de grootschalige vernieuwing van het woordenboek door te voeren. In 2018 en 2019 werkten Sam Verstraete, Thijs Vandamme en Lisa Rombouts samen met een software ontwikkelingsbedrijf om de website te vernieuwen. Daarbij werkten we steeds vanuit een praktisch lexicografisch perspectief: we beschrijven de taal op een manier die trouw is aan het beschikbare lexicografische onderzoek, en steeds zo goed mogelijk rekening houdt met de verwachtingen, noden en vaardigheden van zij die het woordenboek zullen gebruiken (Atkins & Rundell, 2008).

Methodologie

Het woordenboek in de huidige vorm bevat voor een groot deel de gebaren uit het hierboven vermelde lexicografisch onderzoek, gevoerd van 1999 tot 2004 aan UGent. In 2012 kwam gebaren.ugent.be onder het beheer van het Vlaams GebarentaalCentrum en breidde het VGTC het woordenboek langzaam uit met eigen lexicografisch onderzoek. Daarbij werd de onderzoeksmethodologie van Oyserman et al. (2012) gehanteerd.

Sinds 2017 maakt het VGTC gebruik van een centrale databank, Signbank, die specifiek werd ontwikkeld om lexicografische data voor gebarentalen te verzamelen. Aangezien gebarentalen visuele talen zijn, is het belangrijk om een databank te gebruiken waarin gemakkelijk video’s kunnen worden geupload en verwerkt. Daarnaast biedt dit systeem de mogelijkheid om gebaren morfologisch, fonologisch en semantisch te annoteren. Alle data van gebaren.ugent.be werden toegevoegd aan Signbank, net zoals de resultaten van het lexicografisch onderzoek. Bovendien stelt deze databank het VGTC ook in staat om via crowdsourcing op grotere schaal gebaren te verzamelen. Medewerkers kunnen bijvoorbeeld discussies over bepaalde gebaren in Facebookgroepen opvolgen en die data vervolgens overnemen in Signbank. Er wordt telkens aangegeven waar een gebaar vandaan komt, om verder specifiek taalkundig onderzoek mogelijk te maken. Ook de gebaren van VGT-drop, een crowd-sourcing website die in 2016 werd opgericht en waar gebarentaligen nieuwe gebaren op kunnen posten, werden toegevoegd aan Signbank. Een expertengroep, die een 3 tot 4 maal per jaar samenkomt en bestaat uit dove gebarentalige uit verschillende regio’s in Vlaanderen, discussieert over het al dan niet algemeen gebruik van een aantal gebaren uit Signbank waar twijfel over bestaat. Dit controleorgaan is kwalitatief van aard en neemt veel tijd in beslag. Daarom willen we het graag aanvullen met kwantitatieve data uit het corpus VGT. In 2019 werkten we daarom ook aan een link tussen Signbank en Elan, het annotatieprogramma dat gebruikt wordt door de annotatoren van het corpus. In de toekomst hopen we via deze vorm van corpuslinguïstiek de lexicografische basis van Signbank, de databank die het woordenboek rechtstreeks voedt, steeds verder te versterken.

In Signbank werden in de loop van 2018 en 2019 ook een deel van de oude video-opnames van gebaren vernieuwd. Dit werk wordt verdergezet in 2020. Bovendien werden, met zicht op de zoekfunctie van VGT naar NL, een fonologische annotatie uitgevoerd op basis van de handvorm en locatie van de gebaren. Hiervoor werd, indien beschikbaar, de Signwriting-afbeeldingen uit gebaren.ugent.be gebruikt. Signwriting is een transcriptiesysteem dat toelaat om gebaren op een visuele manier weer te geven.

Gebruikersonderzoek

Toen het VGTC in 2018 de eenmalige projectsubsidies voor de vernieuwing van het online woordenboek kreeg, werden de eerste concrete stappen gezet naar een nieuwe interface. Hiervoor voerden we uitgebreid onderzoek naar de gebruikers van het woordenboek. Meer nog dan een verslag van lexicografisch onderzoek te willen projecteren op een website, wilden we van het nieuwe woordenboek een praktische, gebruiksvriendelijke referentietool maken, die voldoet aan de noden, verwachtingen en vaardigheden van de woordenboekgebruikers. Om beter zicht te krijgen op wie de gebruikers waren, bestudeerden we het gebruikersonderzoek van Joni Oyserman (2013), de kwantitatieve gegevens van Google Analytics en eigen gebruikersprofielen.

Een eerste kwalitatief gebruikersonderzoek werd gevoerd door Joni Oyserman in 2013. In dit onderzoek werd een groep dove en horende docenten VGT, tolken, studenten VGT, dove en horende ouders van een doof kind en familieleden van een dove persoon ondervraagd over hun gebruikspatroon in het woordenboek gebaren.ugent.be. Eén van de resultaten uit deze bevraging is dat gebruikers graag zowel van VGT naar het Nederlands zoeken alsook omgekeerd. Daarnaast zoeken ze ook graag thematisch om op die manier alle semantisch verwante gebaren te kunnen zien. Dit is een aspect dat werd meegenomen en werd mogelijk gemaakt tijdens de ontwikkeling van het nieuwe woordenboek VGT.

Daarnaast bestudeerden we ook gegevens van Google Analytics, een dienst van Google die beheerders van een website toegang geeft tot gebruiksstatistieken van die applicatie. Via die tool wordt onder meer steeds bijgehouden welke gebaren het meest bekeken worden, hoe lang gebruikers een bepaalde pagina bezoeken en op welke manier ze zoeken. Uit deze gegevensanalyse blijkt dat er slechts in een klein percentage van de zoekopdrachten wordt gebruik gemaakt van de zoekfunctie VGT naar Nederlands. Dit lijkt haaks te staan op het hierboven beschreven resultaat uit het kwalitatieve gebruiksonderzoek, waarin informanten aangeven dat ze die zoekrichting wel belangrijk vonden. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat de symbolen uit Signwriting niet voldoende toegankelijk zijn voor de doorsnee gebruiker. Een andere veronderstelling is dat de zoekfunctie nog een te uitgebreide set van resultaten oplevert om snel tot het gewenste lemma te komen.

In de samenwerking met het softwarebedrijf dat de webapplicatie voor het nieuwe woordenboek heeft ontwikkeld, stelden we gebruikersprofielen op om op die manier de hypothese uit bovenstaande onderzoeken af te toetsen. Tijdens het ontwikkelingsproces werd elke versie van de applicatie ook getest door een kleine groep gebruikers. In april 2019 werd er zelfs een testmoment georganiseerd, waarbij acht vrijwillige informanten (twee dove ouderen, twee dove jongeren, twee tolken en twee horende tolkstudenten) een uur lang verschillende opdrachten uitvoerden op eerste versie van de applicatie. Hun bevindingen werden meegenomen in de verdere ontwikkeling van de interface van het woordenboek om die zo functioneel mogelijk te maken.

Vorm en inhoud

Concreet werd het woordenboek VGT vooral vormelijk gemoderniseerd, maar ook inhoudelijk zijn er een aantal verschillen met het vorige woordenboek. Allereerst werden de zoekmogelijkheden uitgebreid. De woordenboekgebruiker kan dus via verschillende ingangen op een bepaald gebaar terechtkomen. Net zoals in gebaren.ugent.be kunnen mensen via de handvorm of locatie van het gebaar zoeken van VGT naar het Nederlands. Dat gebeurt hier echter niet via Signwriting, maar wel met afbeeldingen van de handvormen en de locaties op het lichaam, gebaseerd op het doctoraat van Eline Demey (2005). Via toegankelijke informatie-iconen wordt, zowel in VGT als in het Nederlands, op een bevattelijke manier uitgelegd wat handvormen en locaties precies zijn. Van het Nederlands naar VGT kan dan weer gezocht worden via een zoekbalk, waarin een Nederlands woord kan worden getypt. Daarnaast is er ook de mogelijkheid om via gebaren te selecteren op regionale variant of op semantische categorie. Tot slot is een combinatie van zoekfilters mogelijk met als doel om de gebruikers van het woordenboek sneller op het gezochte lemma terecht te laten komen.

Wanneer mensen het gezochte lemma hebben gevonden, kunnen ze op de detailpagina klikken, waar de fonologie en semantische categorie van het gebaar wordt weergegeven. Dankzij cross-referencing worden gebruikers eenvoudig doorverwezen naar gebaren die denzelfde betekenis hebben, maar in een andere regio worden gebruikt, of naar gebaren die fonologisch verwant zijn.

Een interessante uitbreiding in de nieuwe applicatie is de mogelijkheid om verschillende Nederlandse woorden te koppelen aan één lemma. In gebaren.ugent.be werden synoniemen in het Nederlands (bv. ‘klimmen’ en ‘klauteren’) ondergebracht onder twee verschillende lemmata. Hetzelfde geldt voor verschillende woordsoorten in het Nederlands (bv. ‘ontspannen’ en ‘ontspanning’). In het nieuwe woordenboek kunnen dus meerdere mogelijke vertalingen in het Nederlands worden gelinkt aan één gebaar.

Het VGTC staat als beheerder van het nieuwe woordenboek ook meer in contact met de gebruiker. Gebruikers kunnen namelijk op een toegankelijke manier feedback geven als ze in het woordenboek surfen. Dat kan zowel gaan om een technisch probleem (bv. een video die niet werkt) als om een inhoudelijke opmerking (bv. Ik vermoed dat dit gebaar ook in mijn regio wordt gebruikt), waarna dat gebaar specifiek getagd wordt in Signbank en er verder taalkundig onderzoek naar kan gebeuren. Bovendien krijgt het VGTC ook een melding als gebruikers een woord intypen in het woordenboek en daarvoor geen resultaat vinden. Op die manier krijgen we een overzicht van welke lemmata gebruikers missen in het woordenboek.

Naast deze inhoudelijke aanpassingen, is de website ook structureel veranderd. Zoals in de inleiding reeds werd vermeld, is de website responsief, waardoor de interface zich aanpast naargelang op welk apparaat mensen de website bezoeken. Op die manier is het woordenboek even toegankelijk op een smartphone of tablet als op een computerscherm. De volledige interface is bovendien erg visueel georganiseerd. Dat is vooral het resultaat van een eerste gebruikerstest (zie: gebruikersonderzoek). We wilden namelijk vermijden dat de Nederlandse tekst een drempel zou worden voor een deel van de doelgroep. Tot slot werden er ook nieuwe opnames gemaakt van de bestaande gebaren, in hogere kwaliteit.

Toekomstige aanvullingen

Hoewel we een stap vooruit hebben gezet in de ontwikkeling van dit nieuwe woordenboek, zijn er ook beperkingen. We kunnen namelijk, net als in gebaren.ugent.be, niet garanderen dat elk bestaand gebaar in VGT in het woordenboek is opgenomen. Gebaren die gebruikt worden door een gebarentalige en niet in het woordenboek staan, zijn daarom niet slechter dan of minderwaardig aan de gebaren die wel in het woordenboek te vinden zijn. Net zoals in het project van UGent streven we uiteraard wel naar een zo volledig mogelijke beschrijving van de taal en werken we steeds verder aan de uitbreiding en uitdieping van het woordenboek.

Referenties

Atkins, B.T. & Rundell, M. (2008). The Oxford Guide to a Practical Lexicography. New York: Oxford University Press Inc.

De Weerdt, K., Vanhecke, E., Van Herreweghe, M. & Vermeerbergen, M. (2003) Op (onder)zoek naar de Vlaamse Gebaren-schat. Cultuur voor Doven, Gent.

Demey, E. (2005) Fonologie van de Vlaamse Gebarentaal. Distinctiviteit & Iconiciteit. Universiteit Gent, Gent.

Oyserman, J., Heyerick, I. & Huys, E. (2012) Onderzoeksmethodologie: Datacollectie voor lexicografisch onderzoek van de Vlaamse Gebarentaal. Vlaams GebarentaalCentrum vzw.. Geraadpleegd via: Datacollectie voor lexicografisch onderzoek van de Vlaamse Gebarentaal

Oyserman, J. (2013) Enquêteresultaten gebruikersonderzoek online woordenboek Vlaamse Gebarentaal. Vlaams GebarentaalCentrum vzw. Geraadpleegd via: Gebruiksonderzoek online digitaal woordenboek VGT-Nederlands

Van Mulders, K. (2004) Informatiepagina. Gebaren.ugent.be. Geraadpleegd via informatiepagina gebaren.ugent.be